Besturen: een vak apart

Bestuurders moeten zelf blijven nadenken, zelfstandig beslissingen nemen, los van adviseurs en experts! Als adviseurs en experts konden besturen, dan deden ze dat wel😊.

Besturen is een vak!

Zowel het letterlijk besturen, zoals een chauffeur en machinist dat doen, alsook bestuursvoorzitters, directeuren en politici en bestuurders in het openbaar bestuurder, lokaal en landelijk.

Om goed te kunnen besturen is het zeer gewenst om dat te doen op basis van een ideaal of een visie. Daarnaast is het belangrijk om rationele afwegingen te kunnen maken, over voldoende empathisch vermogen te beschikken en tevens over voldoende nuchterheid en zakelijkheid te beschikken.

Laat je als bestuurder wel informeren, doe navraag, pols anderen, vraag advies, leer van het verleden, schakel experts in, maar  beslis uiteindelijk zelf. Doe dat goed beargumenteerd, na het noodzakelijke wikken en wegen, met voldoende gevoel voor ‘checks and balances’, maar toch: beslis zelf. Alleen zo kun je verantwoordelijk zijn voor wat je doet en ook verantwoording afleggen indien dat gevraagd wordt. En dan niet ‘duiken’ of je verschuilen achter de expert: jij bent verantwoordelijk voor het bestuur, niet de adviseur of de expert!

Als we bekijken waar en hoe dat gaat, dan zien we best enkele herkenbare voorbeelden, zowel ver weg en in de geschiedenis als dichtbij en in het hier en nu, zowel groot en op wereldschaal als klein en lokaal Voorbeelden? Ik geef er een vijftal!

1. Laten we eerst beginnen bij een belangrijke fase in de recente geschiedenis: de dreiging van Nazi-Duitsland ten opzichte van Engeland bij het begin van WO2.

In mei 1940 was Engeland in Duinkerken dicht bij een totale nederlaag. Met behulp van privé-bootjes werden ca. 300.000 militairen teruggehaald naar Engeland. De net benoemde eerste minister, Winston Churchill, kreeg van zijn adviseurs en experts het advies om te gaan onderhandelen met Hitler over een wapenstilstand. De vraag was: moet Groot-Brittannië buigen voor Hitler door toe te treden tot vredesbesprekingen bemiddeld door Mussolini? Ja, duizendmaal ja, was het antwoord van de experts en adviseurs in de regering en elders. We zitten middenin het ‘drama van Duinkerken’. Hoe kun je hier ooit als winnaar uit de strijd treden?

En Churchill twijfelt, hij vermoedt dat een zegen mogelijk is, eigenlijk meer dat een overwinning noodzakelijk is. Maar ook niet meer dan dat. Hij twijfelt sterk. En hij was zo goed als tot de slotsom gekomen dat het wellicht niet anders kon dan gaan onderhandelen. Hij twijfelde. Hij sprak ook met de ‘mensen in de straat’ en in de metro. Die mensen gaven aan dat ze géén overgave wilde aan Nazi-Duitsland, niks daarvan: doorvechten tot elke prijs en tot de overwinning!

Churchill dacht hierover na en over de adviezen van zijn experts en kwam toen tot de conclusie dat zonder overwinning op deze vijand er geen overleving mogelijk was. Met die visie ging hij aan het werk. In één maand tijd hield hij drie speeches waardoor het beeld totaal werd gewijzigd en de inwoners van Engeland de moed en vastberadenheid kregen om door te vechten, tot het einde!

De drie speeches vormen de kern van de film ‘Darkest Hour’ en zijn zeer de moeite waard om terug te luisteren en een trailer van de film is hier te vinden: https://www.brainwash.nl/bijdrage/winston-churchill-laat-zien-een-groot-leider-twijfelt

2. Landelijke overheid ten tijde van het corona-virus.

Tijdens de corona-pandemie vanaf februari/maart 2020 is de Rijksoverheid nadrukkelijk aan zet, met als adviseurs de WHO, het RIVM en andere experts. De Rijksoverheid trekt de verantwoording naar zich toe en heeft ook de macht om regels te stellen en gedrag voor te schrijven. De bestuurders, met name Min.Pres. Rutte en Minister De Jong, verwoorden hun beleid via bijna dagelijkse persconferenties. Dat doen ze uitstekend, ze zijn communicatief sterk en beroepen zich op de wetenschappelijke adviezen die beschikbaar zijn. Ook in de verantwoording naar de 2eKamer staan ze sterk en nemen hun verantwoording. Dat lijkt allemaal wel goed te gaan. En toch, toch wringt het hier en is er een ongemakkelijk gevoel op de achtergrond!

De experts van het RIVM zijn in de weken vanaf de start van de pandemie niet steeds consistent geweest in hun adviezen. Eerst was het beleid gericht op het advies dat de kans klein zou zijn dat het virus Nederland zou bereiken. Het speelde immers in China, in Wuhan. Zou niet zo snel hier opduiken, was de verwachting.

En toen, bijna plotseling, was het wél hier, in Europa, eerst in Italië en toen ook in andere Europese landen als ook snel hier in Nederland! Let wel: er is voor de bestrijding van dit coronavirus géén vaccin, er zijn géén geneesmiddelen, het virus is extreem besmettelijk en vooral voor ouderen erg gevaarlijk.

Beleid: in eerste instantie, zeg maar in januari/februari’20, het ontkennen van de ernst, een houding van: ‘het gaat wel meevallen’, op advies van de experts. De beschikbare hulpmiddelen, met name mondkapjes, werden notabene nog vanuit Nederland naar China gestuurd, zonder dat hier voldoende back-up was of snel beschikbaar kon zijn. Bestuurlijk is daar nogal wat op af te dingen.

De ‘valt wel mee … komt hier waarschijnlijk niet..’ houding was met de tegenwoordige verplaatsingen van mensen over de aardbol naïef. Tegenwoordig is elk virus, net als luchtpost en luchtvracht, in minder dan 24 uur de hele wereld rond. Besmettingen vinden plaats van mens-op-mens via fysiek contact en via hoesten, niezen en via aërosolen, microscopisch kleine druppeltjes die ontstaan bij niezen, hoesten en zelfs bij spreken. Op basis hiervan kon men weten dat het coronavirus óók in Nederland zou komen én tot een pandemie zou kunnen leiden. Dit werd onderschat en er werd niet of nauwelijks op geanticipeerd.

Toen de besmettingen feitelijk waren en het virus slachtoffers maakte was er een tekort aan IC-capaciteit en aan beademingsapparatuur. Er waren niet of nauwelijks tests aanwezig en ook onvoldoende testmogelijkheden. Onze huisarts meldde tijdens het ‘corona-spreekuur’ dat ze zelfs voor de eigen medewerkers géén testen kreeg! Terwijl elk boerenverstand zegt: ‘meten is weten’, dus iedereen testen, dan weet je wie er besmet is en wie niet. De gevolgen voor ouderen in verpleeghuizen, in de thuiszorgsituaties en in andere leefomgevingen zijn desastreus: opgehokt worden, verpleegd of verzorgd door mensen met te weinig bescherming, verstoken zijn van contacten met zelfs je naaste familie en, als het fout gaat, in je eentje sterven. Omdat we ‘niet weten wie’ er besmet is worden alle contacten on-hold gezet! En de contacten die noodzakelijk zijn, zoals thuisverpleging, verzorging in tehuizen, maar ook in de ziekenhuizen dreigen wegens tekorten aan beschermingsmiddelen ook nog eens een bron van besmetting te zijn.

De experts adviseren intussen over wel of juist geen mondkapjes, over een nieuwe 1,5 m samenleving, over wel of geen groepsbijeenkomsten en zo meer. Gepresenteerd als: ‘Samen krijgen we het virus er onder! Blijf thuis, hou vol…!’en vergelijkbare retoriek als “We hebben afgesproken dat…..”. Retorisch sterk, inhoudelijk zwak. Het bestuur is veranderd in crisis management, gebaseerd op wisselende adviezen van experts. Er is weinig reflectie, er is weinig visie: het volk komt om! Per 100.000 inwoners kent Nederland een van de hoogste percentages sterftecijfers en we weten nog steeds niet wie er nu wel of juist niet besmet is.

Bestuurlijk komt hier nog achteraan dat de lockdown een economische ramp inluidt die nu al de grootste sinds WO2 wordt genoemd. Bedrijven vallen om, de overheid komt ondernemers en werknemers tegenmoet en als gevolg van het steunpakket vanuit de overheid, loopt de staatsschuld gigantisch op! De gevolgen hiervan op enige termijn laten zich raden: bezuinigen, belastingen verhogen, broekriem aanhalen etc. Je ziet het al aankomen, ook zonder experts en adviseurs. Het bestuur staat hier inhoudelijk niet erg sterk. Het is zeer de vraag of hier in voldoende mate rationele afwegingen zijn gemaakt, voldoende empathisch vermogen is gebleken en met de nodige nuchterheid en zakelijkheid is besloten. Op dit moment, juni 2020, zitten we er nog middenin! Voorzichtig worden maatregelen teruggedraaid, beetje ‘kijken of het werkt’, waarbij economische motieven een belangrijke rol lijken te spelen.

3. Ook een voorbeeld op niveau van de landelijke overheid: het klimaatakkoord. Naar mijn mening is daarbij sprake van een gebrek aan visie, gebrek aan lef en van investeren in verkeerde en fake-oplossingen.

De analyse van de bestuurlijke gang van zaken m.b.t. het klimaatakkoord en de daarmee samenhangende energietransitie levert kortheidshalve het volgende beeld. Het beleid is gebaseerd op een akkoord. Niet op een visie of op wetenschappelijke analyses, nee, op een akkoord met ‘partijen’.

Dit alles is het resultaat van experts en adviseurs die als belangenbehartigers (Natuur- en milieu organisaties) of als lobbyisten (uit de zon- en windmolen industrie) de klimaattafels van de overheid hebben bemenst. Met als klap op de vuurpijl: WIJ moeten kennelijk van het gas af, terwijl juist elders, o.a. in Duitsland, men juist subsidie krijgt om AAN HET GAS te gaan. Nederlands beleid hieromtrent is gebaseerd op emoties als gevolg van de aardbevingen in Groningen.

Er komen in eerste instantie veel windmolens en zonnepanelen bij, er komen biomassa-centrales die onze én buitenlandse bomen gaan verstoken. Er komt géén kernenergie, er wordt géén waterstof technologie gebruikt. Sterker nog: er wordt in de energietransitie tot 2030 géén enkele serieuze innovatieve technologie doorontwikkeld of toegepast.

Terug naar het proces: het klimaatakkoord en de energietransitie is gebaseerd op een lobbyakkoord, waarbij de verantwoordelijk minister, Erik Wiebes, zich verschuilt achter de experts én zich laat opzadelen met een gerechtelijke uitspraak vanuit het proces van Urgenda tegen de Staat.

Eerst de ‘experts’ , hier bewust tussen aanhalingstekens gezet. De lobbyisten van de windmolens, zonnepanelen en biomassa hebben bereikt dat tot 2030 alléén deze technologieën mogen worden aangewend en dus op een financiële bijdrage, lees subsidie, van de overheid mogen rekenen. Alle aandacht en geld gaat naar windmolens, zonnepanelen en biomassa.

Over biomassa kan ik kort zijn, dat is louter een papieren oplossing, waarbij het middel het doel is geworden. Immers, de uitstoot is zeer vervuilend, telt volgens de spelregels van de EU niet mee, dus is het ‘groen’ en ‘duurzaam’! Bij biomassa wordt nauwelijks gebruik gemaakt van restmateriaal. Er is een nieuw verdienmodel ontstaan waarbij vooral bomen, ja hele bossen, worden gerooid, zowel nationaal als internationaal, vervolgens worden vermalen en naar hier vervoert om te worden verbrand in centrales. En daar geeft de rijksoverheid meer dan 15 miljard subsidie aan! Te gek voor woorden!

Het klimaat wordt er niet beter van, de natuur wordt om zeep geholpen, maar de doelstelling moet, althans op papier, gehaald worden. De miljarden subsidies konden beter naar andere technologieën gaan.

Wat betreft de zonnepanelen: deze zouden wel eens het nieuwe asbest kunnen worden: ‘Het maken van zonnepanelen is een van meest giftige industriële processen die er zijn’, aldus een onderzoeker aan de Berkeley Universiteit in Californië. Maar voornaamste probleem is het gebrek aan ‘dichtheid’: je hebt enorme hoeveelheden zonnepanelen nodig voor een klein beetje stroom of energie! Naast dat er ALTIJD een back-up systeem, olie, gas of kolen, paraat moet zijn om voor voldoende continuïteit te kunnen zorgen.

Voor windmolens is de situatie ook al niet erg duurzaam. In een windturbine gaat al gauw 900 ton staal, 2.500 ton beton t.b.v. fundament en 45 ton kunststof. De rotorbladen (composiet en verlijmd) kunnen niet gerecycled worden en worden nu al op plaatsen gestort. Met een levensduur van ‘slechts’ 20 jaar is dit geen erg goede investering! Ook hierbij is ALTIJD een back-up systeem noodzakelijk om voor voldoende continuïteit te kunnen zorgen.

De gehele energietransitie dreigt een rampscenario te worden vanwege incompetente bestuurders, die experts en adviseurs kiezen die in hun politieke straatje passen i.p.v. te besturen op basis van een visie en een strategie. Het is op zijn best opportunistisch geknutsel te noemen, waarbij de verantwoordelijk bestuurder zich verschuilt achter zijn adviseurs, in  die geval belanghebbende lobbyisten. Anno 2020 levert Nederland 7% groene stroom, waarvan 5% gebaseerd op biomassacentrales en 2% windmolens en zonnepanelen. Zet dat af tegen de doelstelling dat afgesproken is om in  2030 49% van de CO2 reductie t.o.v. 1990 te hebben bereikt. En dat Nederland in 2050 geheel duurzaam moet zijn qua energievoorziening, dus zowel stroom als warmte!

De doelstellingen worden op deze wijze NIET GEHAALD omdat de aandacht en het geld gaan naar de verkeerde middelen. Bestuurlijk ronduit een falend beleid!

4. Voorbeeld uit het lokale bestuur. 

Als ik dit betrek bij een bestuurlijk slepende kwestie op Gemeentelijk niveau, in de gemeente Vijfheerenlanden met de Fa. Niemans beton, dan is het daar echt fout gegaan. Aanwijsbaar fout, waarbij bestuurders en hun experts/adviseurs inmiddels een molensteen hebben gecreëerd uit een kwestie die 40 jaar geleden opgelost kon worden. Hoe kan dat? In de afgelopen 40 jaar zijn er enkele constanten geweest in deze kwestie. Bestuurlijk is vaak van verantwoordelijk persoon gewisseld: van een maatschappij ging de verantwoording over naar de eerste gemeente, dan naar de tweede en vervolgens naar de derde gemeente. Bij de gemeenten komt elke vier jaar een nieuw college en vaak met nieuwe verantwoordelijke bestuurders voor deze kwestie. Deze laten zich uiteraard adviseren door de juristen die al gedurende lange tijd met deze zaak bezig zijn. Het advies is steeds: doorgaan met procederen want de huidige voorstellen zijn niet gunstig genoeg voor de gemeente. Dat dit wordt opgevolgd is gezien de omstandigheden zoals hierboven aangegeven, zeker begrijpelijk. Inhoudelijk is het een drama! De gemeente, en haar voorloper, werden al snel in het ongelijk gesteld door een gerechtelijke uitspraak. Dat een ondernemer dan probeert om daar voor hem ‘winst’ uit te halen is zakelijk gezien begrijpelijk. Moreel wellicht niet, want de gemeenschap opzadelen met hoge kosten, daar kun je nog wel wat bedenkingen bij hebben. Maar goed, dat is niet aan de orde: de zaak moet worden afgehandeld. Dat is na 40 jaar (!!) geen eenvoudige oplossing meer en loopt dus ook echt in de papieren. Een gemeente kan niet failliet gaan, dus de tijd speelt in het voordeel van de eiser.

Kortom: op basis van de experts/juristen wordt steeds een stapje gezet in de procedure, je zit er inmiddels zo ‘dik in’ dat een rationele oplossing niet echt meer mogelijk lijkt en bestuurlijk gezien kun je nu alleen nog maar hopen dat een rechter hier een verstandige uitspraak in doet.

Bestuurders hadden hier destijds hun verantwoording moeten nemen en los van de experts en juristen een schikking moeten treffen. Dat was in het belang geweest van zowel de ondernemer als de gemeente!

Enkele ervaringen van mijzelf.

5. In de periode dat ik bestuurlijk verantwoordelijk was voor enkele organisaties heb ik tot twee keer toe een directeur moeten ontslaan. Heel vervelend dat dit moest gebeuren, zowel voor de organisaties als voor de betrokkenen. De eerste rol van experts hierbij is die van een soort ‘opsporingsambtenaar’ en adviseur. Als bestuurder krijg je te horen dat er iets niet goed is gegaan, dat er mogelijk fraude is gepleegd en dat je daar iets mee moet. Advies: schakel een forensisch accountant in en stel de betrokken directeur op non-actief. Dat advies is overgenomen. Vervolgens blijkt binnen enkele weken wat er is gebeurd, dat dat ernstig is en dat ook daar bestuurlijke actie op moet volgen. Experts zijn dan vooral juristen, advocaten, die je adviseren over de te volgen procedure, die conceptbrieven voor je opstellen en aangiftes voorbereiden. In deze fase volg je deze adviseurs als regel wel op: zij weten dat immers als experts beter dan jij als bestuurder.

Dan komt er een moment waarop je als bestuurder tegenover de betreffende directeur komt staan met zowel strafmaatregelen als met eisen tot herstel c.q. genoegdoening. De strafmaatregelen waren in beide gevallen direct duidelijk: ontslag! M.b.t de eisen tot herstel en genoegdoening ligt dat minder eenduidig. Dat schade aan en voor de organisaties herstelt moet worden is duidelijk en moet, voor zover dat te realiseren is, ook gebeuren. Maar als een expert/jurist aangeeft dat er méér te halen is, dat je een grote kans hebt om te winnen bij een bodemprocedure of een vervolgproces, dan gaat voor jou als bestuurder ook het belang van de organisatie op een andere wijze meespelen. Hoe lang wil je een dergelijke kwestie als een open wond met je meeslepen? Hoe verantwoord je dat naar de achterliggende, belanghebbende organisaties? En hoe naar het personeel? Wanneer ben je voldoende ‘rechtvaardig’ en tot hoever ga je in de juridische achtervolging van degene die ‘fout’ heeft gehandeld? Als bestuurder kies ik dan voor een snelle, menselijke afhandeling, ondanks dat volgens de experts er waarschijnlijk nog meer uitgehaald kan worden via bijvoorbeeld beslaglegging op huizen, auto’s, hypotheken etc. Dus eerder een ‘genoeg is genoeg’ hanteren dan het onderste uit de kan willen halen. Ook t.a.v. de positie van de directeur in kwestie. In een van deze kwesties hebben wij de kosten voor juridische bijstand van de directeur betaald. Zelf was hij daar niet toe in staat. Ook dat was tegen het advies van de experts in.

Op grond van deze ervaringen is mijn standpunt dat als bestuurder je alle belangen mee moet wegen en dan tot een eigenstandige conclusie en oordeel moet komen. Daar zet je dan vervolgens weer je experts op om dat op een juiste wijze te realiseren.

Eens te meer: leiden en besturen is een VAK!

4 juni 2020


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s